Heimatgeschichte · Woerden ·

Woerden: Geschiedenis

Woerden: Geschiedenis

Woerden stamt uit de Romeinse tijd, toen rond 41 n.Chr. het castellum Laurium op deze plek werd gesticht, op een natuurlijke hoogte. Dit castellum was een legerplaats langs de noordgrens van het Romeinse Rijk, die gevormd werd door de Rijn, tegenwoordig de Oude Rijn. Laurium is in gebruik geweest tot omstreeks 270. Er is een aantal Romeinse schepen in Woerden gevonden, en een replica wordt sinds 2009 gebruikt voor rondvaarten.
Tussen 719 en 722 verbleef Bonifatius in Woerden om te prediken. Rond het jaar 795 werd Woerden Wyrda genoemd.
Gaandeweg de middeleeuwen begon Woerden vanaf de 12e eeuw meer versterkt te worden (een slot, wallen, grachten). Rond 1160 liet Godfried van Rhenen, de bisschop van Utrecht, een versterking bouwen bij de nederzetting Worden (soms ook Worthene genoemd) aan de Oude Rijn. De versterking had tot doel om tegengas te geven tegen de expansiedrift van de graaf van Holland. De stad had een houten kerk die in 1202 afbrandde.
De Heren van Woerden hadden het bezit over Woerden en omstreken in de periode 1165 - 1304. Het huidige wapen van Woerden, een geel vlak met drie zwarte ruiten, werd in 1277 erkend als wapen voor Herman van Woerden.
Het water in Woerden werd beheerd door het Groot-Waterschap. Dit bestond vanaf 1226 en maakte dat Woerden onafhankelijk was van het Hoogheemraadschap Rijnland. De stad en omgeving waren voor de afwatering echter wel volledig afhankelijk van dat hoogheemraadschap. In 1995 werd het Groot-Waterschap samengevoegd met het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden.
Aan de zuidwestelijke zijde van de stad werd omstreeks 1275 een kasteel gesticht door graaf Floris V. In de dertiende eeuw werd ook een stenen kerk gebouwd, die de komende eeuwen steeds verder werd uitgebreid tot de huidige Petruskerk.
Woerden kreeg op 12 maart 1372 stadsrechten van hertog Albrecht van Beieren. In 1410 begon de bouw van het Kasteel van Woerden en in 1501 het stadhuis. Latere monumentale gebouwen zijn de Lutherse kerk (1646), de Pastorie (1672), Petruskerk (1673), de stellingmolen De Windhond (1755), het Arsenaal (1762), het Kruijthuis (1784), de Kazerne (1790), het Klooster (1899), de watertoren (1906) en de Sint-Bonaventurakerk (1892), die met zijn hoge naaldspits van verre het stadsgezicht domineert.
De Woerdense priester Jan de Bakker was de eerste in de Noordelijke Nederlanden, die om zijn van de rooms-katholieke kerkleer afwijkende prediking in 1525 ter dood werd gebracht op de brandstapel. De godsdiensttwisten waren in Woerden aanvankelijk beperkt. Echter, de katholieke hertog Erik van Brunswijk, die door Filips II benoemd was tot Heer van Woerden, onderdrukte in september 1566 op hardhandige wijze pogingen om de Lutherse eredienst in te voeren in de Petruskerk. In 1575-1576 volgde het Beleg van Woerden. Tijdens dat beleg vond het Wonder van Woerden plaats, waardoor de hongerende bevolking weer te eten had. Woerden, dat zich in 1572 aan de kant van de Opstand schaarde, werd door de Spanjaarden belegerd: de stad houdt stand en de Spanjaarden breken hun beleg na een jaar op.
Omstreeks 1600 kreeg de stad naast de omwalling, ommuring en gracht een extra versterking in de vorm van een ravelijn en vier bastions, die grotendeel werden gebouwd op de hoekpunten van de bestaande stadsmuur.
De stad had tot tweemaal toe zwaar te lijden onder de Fransen. De eerste keer was in het Rampjaar 1672. Woerden was toen onderdeel van de Oude Hollandse Waterlinie. …

von Fremdinhalte · Regionauts

Quelle: Text: Wikipedia – „Woerden“, Autorinnen und Autoren (Versionsgeschichte), CC BY-SA 4.0 · Foto: Edoderoo, CC BY-SA 3.0 – Wikimedia Commons