Veldhoven: Geschiedenis
=== Prehistorie ===
Dat het grondgebied van Veldhoven al in de prehistorie bewoond was, blijkt uit de aanwezigheid van grafheuvels. Grafheuvels ontstonden in het Neolithicum doordat mensen hun overledenen bedekten met een kleine, kunstmatig opgeworpen heuvel. Later, vanaf de Midden Bronstijd, werden de grafheuvels gebruikt om crematieresten in te begraven, veelal in urnen. Tussen de gehuchten Toterfout en Halfmijl werden in de periode 1948-1951 in totaal 34 grafheuvels archeologisch onderzocht onder leiding van Albert van Giffen. Tijdens dit onderzoek zijn zestien grafheuvels gerestaureerd: vijftien grafheuvels stammende uit de Midden Bronstijd (1600-1000 v.Chr.), en één grafheuvel uit het Neolithicum (1700 v.Chr.). In het bos nabij de doorgaande weg de Locht bevinden zich nog eens tien gerestaureerde grafheuvels, afkomstig uit de Midden Bronstijd en de IJzertijd (1500-50 v.Chr.).
In de Late Bronstijd en in de IJzertijd werd het gebruikelijk om de urnen niet meer in heuvels te plaatsen, maar gegroepeerd in een veld te begraven. Nabij Toterfout en de Locht zijn enkele van deze urnenvelden gevonden.
Rond het begin van de jaartelling behoorde Veldhoven tot het Romeinse civitas Tungrorum; het bestuurlijk gebied ofwel district rond Atuatuca Tungrorum (Tongeren). Nabij het gehucht Heers zijn veel overblijfselen uit de Romeinse tijd gevonden. In 1871 vond de onderwijzer en oudheidkundige Petrus Norbertus Panken hier enkele fragmenten van Romeinse terracotta beeldjes, waaronder een vrijwel ongeschonden exemplaar van een beeldje van Diana, de godin van de jacht. Het beeldje werd gedateerd op 175 n.Chr. In 1909 werden bij Heers sporen gevonden van een Romeinse wachttoren uit het jaar 100.
Rond de zevende eeuw werden in het gebied enkele nederzettingen gesticht door Frankische kolonisten. Dit blijkt onder andere door de vondst van een grafveld uit de zevende en achtste eeuw bij het huidige Dr. Elsenpark in de wijk Cobbeek. Ook is er een grafveld uit diezelfde periode gevonden bij de Oeienbosdijk, nabij Heers. De Frankische kolonisten introduceerden ook het christendom in de regio. In een oorkonde uit 775 wordt een kerk van Meerveldhoven genoemd, die op dat moment eigendom was van een Frankische heer. Omstreeks het jaar 1000 liet de heer van Oerle een kerk bouwen, die in 1250 werd verkocht aan de abdij van Postel. Rond het begin van de veertiende eeuw trok de nederzetting Oerle meer macht naar zich toe, door de status van vrijheid te verkrijgen met alle bijbehorende privileges. Daarnaast werd er een schepenbank in Oerle gevestigd, die recht sprak over de omliggende dorpen Zonderwijk, Veldhoven, Meerveldhoven, Zeelst, Blaarthem, Vessem, Wintelre en Knegsel. …