Heimatgeschichte · Leusden ·

Leusden: Geschiedenis

Leusden: Geschiedenis

De oudste archeologische vondsten in de huidige gemeente dateren uit de vroege steentijd. Zo is er op de Leusderheide een 50.000 tot 30.000 jaar oude bladspits gevonden die als speerpunt werd gebruikt. De eerste vaste bewoning kwam vanaf de bronstijd, dit blijkt uit de grafheuvels die zijn ontdekt bij Oud-Leusden en op de Leusderhei. Hier waren enkele nederzettingen van boeren die worden gedateerd rond 1600 voor Christus.
In de Romeinse tijd raakte het gebied opnieuw bewoond. Rond 300 na Christus werd een kleine wachttoren gebouwd, waarvan de funderingen zijn teruggevonden. Vanaf begin vierde eeuw lijkt het weer enige tijd onbewoond te zijn geweest. In de tweede helft van de zesde eeuw begon de geschiedenis van het huidige dorp, in de buurtschap Oud-Leusden aan de zuidwestkant van Amersfoort. Tijdens opgravingen in de jaren tachtig werden zowel de nederzetting als het bijbehorende grafveld tijdens opgravingen teruggevonden.
In het jaar 777 wordt de plaats vermoedelijk het voor het eerst in een schriftelijke bron vermeld, dan als Lisiduna. Deze nederzetting vormde het centrum van een domein dat in handen was van graaf Wigger. In het voornoemde jaar werd Villa Lisiduna door Karel de Grote aan de toenmalige Sint-Maartenskerk in Utrecht geschonken, op grond van de interpretatie die men aan de betreffende oorkonde geeft.
Vanaf de achtste eeuw groeide het dorp Oud-Leusden. De economie van het dorp was voornamelijk gebaseerd op landbouw, ijzerproductie en verzorging, als centrum van een grote parochie. De teruggang begon waarschijnlijk in het begin van de dertiende eeuw, toen de parochie kromp en de productie van ijzer onder druk kwam te staan. Het economische zwaartepunt van de regio verschoof zich naar het oosten van het gebied (onder meer richting het centrum van de huidige gemeente).
In de zeventiende eeuw maakte de teelt van tabak een snelle groei door, en bereikte in het gebied van de huidige gemeente Leusden rond 1700 een hoogtepunt. Het was hier geschikt voor dankzij het gunstige klimaat, de bodem en goede verbindingen met belangrijke centra voor de handel en bewerking van tabak: Nijkerk, Amersfoort en Wageningen. In de achttiende eeuw werd, vanwege de gestegen prijzen, deels overgegaan op het verbouwen van graan. In de negentiende eeuw zou de teelt van tabak niet meer van belang zijn.
De Dodeweg verbond het dorp Leusbroek met de kerk en begraafplaats in Oud-Leusden. Daar staat nog een kerktoren uit de 13e of 14e eeuw die zichtbaar is vanaf de A28. De bijbehorende kerk is rond 1827 gesloopt. Het zwaartepunt van Leusden was veel oostelijker komen te liggen en de nieuwe Dorpskerk, een zogenaamde waterstaatskerk, werd gebouwd bij de buurtschap Bavoort aan de toen nieuwe weg van Amersfoort naar Arnhem, de huidige N226. Het kerkje is anno 2024 nog altijd in gebruik in wat nu Leusden-Zuid heet.
Tot de negentiende eeuw bleef Leusden landelijk gebied. In de loop van de negentiende en twintigste eeuw ontstonden pas woonkernen. In Hamersveld vond dit voornamelijk plaats bij het gemeentehuis en de kerk, in Leusbroek in de omgeving van de Dorpskerk. …

von Fremdinhalte · Regionauts

Quelle: Text: Wikipedia – „Leusden“, Autorinnen und Autoren (Versionsgeschichte), CC BY-SA 4.0 · Foto: Joostik Pieter Joost Lemmens, CC BY-SA 3.0 – Wikimedia Commons