Voorschoten: Geschiedenis
Het dorp is ontstaan op een oude strandwal en had een langgerekte vorm. Bodemvondsten tonen aan dat reeds 2000 jaar voor Christus, ter hoogte van de huidige Voorschotense wijk Boschgeest, een nederzetting bestond van veehoudende vissers/jagers. Die langgerekte vorm, ontstaan door lintbebouwing in de middeleeuwen, is terug te vinden in de Voorstraat, die als markt fungeerde en die ook vandaag een verbreding kent door een wijkende rooilijn. Floris V van Holland verleende in 1282 marktrechten. Dit langgerekte plein met dorpspomp, oude lindebomen en gaslantaarns is een beschermd dorpsgezicht: van de monumentale gevels verdient het Ambachts- en Baljuwhuis vermelding. De Vereniging tot behoud van Oud, Groen, en Leefbaar Voorschoten bevordert dat karakteristieke panden, gevels, werken en beplantingen binnen de gemeente beschermd, behouden, onderhouden en gerestaureerd worden. Tot de Franse tijd was de kasteelheer van Duivenvoorde ambachtsheer van Voorschoten, nadien werd Voorschoten een zelfstandige gemeente.
Voorschoten is nu vooral een forensenplaats. Met name in de eerste naoorlogse decennia is de gemeente sterk gegroeid: van bijna 5500 inwoners in 1934, via ruim 9300 begin 1946 naar meer dan 20.000 in 2000. Anno 2014 is het aantal inwoners gegroeid naar bijna 25.000.
In 2021 werd een ambtelijk samenwerkingsverband van acht jaar met Wassenaar beëindigd. Deze gemeente richt zich vooral op Haaglanden, terwijl Voorschoten meer op Leiden is georiënteerd.
Voorschoten heeft ongeveer 103 rijksmonumenten. Tevens 64 gemeentelijke monumenten en enkele oorlogsmonumenten.
Het dorp had tot ver in de 20e eeuw een bekende klank vanwege zijn zilverindustrie. De Zilverfabriek van Van Kempen en Begeer is in 1858 gebouwd in een eclectisch-classicistische stijl. Het ijzeren inrijhek is Jugendstil. Het gebouw is als zilverfabriek tot 1984 in bedrijf gebleven. Na een grondige verbouwing op basis van een ontwerp van de Amerikaanse architecten Robert Stern en Graham Wyatt werd hier de firma Mexx gevestigd, die echter in 2008 naar Amsterdam verhuisde. Alleen de imposante, zeer brede gevel is nog authentiek; daarachter gaat een modern gebouw schuil. In 2026 besloot de gemeenteraad van Voorschoten dat het pand na grondige renovatie per 2028 het nieuwe gemeentehuis zal worden.
Aan de zuidkant van Voorschoten ligt het kasteel Duivenvoorde dat sinds 1226 particulier bezit is en steeds door vererving van eigenaar is veranderd. De laatste eigenares, Ludolphine Henriëtte barones Schimmelpenninck van der Oye, heeft het landgoed, huis en inboedel ondergebracht in een stichting. Het kasteel is, afgezien van het bewoonde gedeelte, toegankelijk als museum.
Iets ten noorden van het dorpscentrum staat de Sint Laurentiuskerk, een tussen 1865 en 1868 gebouwde, door de architect Theo Asseler (1823–1879) ontworpen neogotische pseudobasiliek met een 45 meter hoge toren. Sinds 1976 is de Laurentiuskerk een Rijksmonument.
De Dorpskerk heeft een aantal voorgangers, de eerste uit circa de 12e eeuw. In 1868 werd de huidige kerk, de vierde op deze plaats, in Engels Neogotische stijl opgeleverd. In de jaren 1955-1958 is de kerk gerestaureerd, deels teruggedraaid tijdens de inpandige restauratie in 2000 (plafond en draagconstructie zichtbaar, ramen geheel zichtbaar).
In de Dorpskerk staat een orgel dat oorspronkelijk werd gebouwd door Jacobus Zeemans uit Breda. Dit in 1720 in gebruik genomen instrument is daarna diverse malen aangepast en gerestaureerd. …