Lisse: Geschiedenis
Lisse is een van de Hollandse plaatsen die zijn ontstaan op een oude strandwal en kent een lange geschiedenis. In 1998 vierde de gemeente haar 800-jarig bestaan maar is mogelijk veel ouder. Deze verjaardag was terug te voeren op een document uit 1198 waarin de naam van het dorp voor het eerst officieel wordt genoemd als Lis. Volgens naamkundigen betekent Lisse waarschijnlijk 'palissade' of 'verschansing'. De naam van het dorpsplein 't Vierkant verwijst naar zo'n palissade. Dat moet te maken hebben met een Keltisch oppidum, dit is een vierkante schans. De Kelten bouwden hun oppida op hoog liggende plateaus of langs waterwegen. Ze dienden als opslag- en handelsplaatsen en voor het beschermen van vee. Het oudierse woord 'liss' komt in veel plaatsnamen in Ierland en Engeland voor in de betekenis van 'heuvelford', zoals de Engelse plaats Liss. Een andere verklaring stelt dat de plaatsnaam betekent onvaste of losse grond, vergelijkbaar in plaatsnamen als Lieshout en Liesbos.
In de middeleeuwen was Lisse nog klein. Rond 1500 stonden er zo'n 50 huizen. Door aanhoudende oorlogen heerste er armoede. De bewoners leefden onder andere van landbouw, veeteelt en turfsteken. In de eeuwen daarop ontstond de bloembollencultuur. De zandgronden in de omgeving bleken, mits goed bemest, zeer geschikt voor deze teelt. Langzaam maar zeker werden de omringende oude duinen steeds verder afgegraven. Van de duinen en uitgestrekte bossen bleef slechts een deel over. De bollenteelt en -handel bracht werkgelegenheid en welvaart met zich mee.